Module 3: Tekstverwerking. De kandidaat dient over een goede kennis te beschikken over het gebruik van een tekstverwerkingsprogramma, bijv: documenten maken / bewerken / redigeren, opmaakfuncties gebruiken, met tabellen werken, sjablonen gebruiken, tabinstellingen aangeven, kop- en voetregels creëren en mailinglijsten verzorgen. Module 4: Spreadsheets Een spreadsheetprogramma gebruiken voor het opstellen van budgetten, prognoses, grafieken en financiële rapportages.
De kandidaat leert werken met functies, absolute- en celverwijzingen. Module 5:Databases en bestanden. In deze module leert de kandidaat onder andere met tabellen te werken, zoek- en selectieopdrachten uit te voeren, rapporten te creëren. Belangrijk is dat men begrip heeft van de opbouw en werking van databases. Module 6:Presentaties. De kandidaat heeft praktische vaardigheid in het vervaardigen van uiteenlopende presentaties waarbij o.a. gebruik gemaakt wordt van: opsommingen, eenvoudige tekeningen, organigrammen en illustraties. Men moet een diapresentatie kunnen verzorgen. Module 7: Netwerk - Informatiediensten. De module toetst het begrip van de kandidaat over netwerken, de vaardigheid om elektronische post (e-mail) te gebruiken en de vaardigheid om b.v. van nieuwsgroepen gebruik te maken. Het is belangrijk dat de kandidaat op een goede manier gebruik kan maken van de electronische snelweg.